Roosje, een zeer knap meisje, gaat voor het eerst naar haar nieuwe school en wordt door de juffrouw aan de klas voorgesteld. "Kinderen, dit is Roosje en ze komt bij ons in de klas." Na haar korte betoog vraagt juffrouw: "Naast wie mag Roosje zitten?" Waarop een zeer lelijk jongetje zegt: "Naast mij." De juffrouw vind het goed en Roosje gaat naast de jongen zitten. De jongen vraagt aan Roosje: "Waarom hebben jouw ouders jouw roosje genoemd?" Waarop roosje antwoord: "Toen ik geboren werd viel er een rozenblaadje op mijn hoofdje." Roosje aan de jongen: "Hoe heet jij dan?" Waarop de jongen antwoord: "Dan heet ik koelkast!!!"
5 verschillende moppen
Electrische stoel
Een boef krijgt de elektrische stoel als straf vanwege vele gruwelijke daden. Op het moment dat het gaat gebeuren vraagt de agent aan de boef “Heb je nog een laatste wens voordat we je elektrocuteren?”
Waarop de boef zegt: “Mag ik misschien je handje vasthouden?”
Slim blondje
Een knappe blonde vrouw, met alles erop en eraan, wandelt een casino binnen en loopt recht naar de tafel waar gedobbeld wordt. Ze legt 10.000 op tafel en zet alles meteen in op de 8. De twee aanwezige croupiers krabben zich in het haar, maar laten het toe.
Net als ze wil gooien vraagt ze of ze haar kleren mag uitdoen, "omdat ze al gemerkt heeft dat ze meer geluk heeft zonder kleren aan." Met een brede glimlach gaan de twee croupiers akkoord en ze doet haar kleren uit.
Ze rolt met de dobbelstenen en begint te juichen: "Joepie! Ik heb 100.000 gewonnen!"
De croupiers betalen haar winst uit, ze trekt haar kleren weer aan en vertrekt.
Zegt die ene croupier tegen de andere: "Hoeveel heeft ze eigenlijk gegooid?"
"Ah, dat weet ik niet, ik dacht dat jij keek."
Moraal van het verhaal: Niet alle blondjes zijn dom, maar alle mannen zijn wel degelijk mannen.
In de dierentuin
De verzorger van de dierentuin geeft een rondleiding. Ze komen aan bij een tamme leeuw en iedereen mag hem eventjes aaien, maar niet iedereen durft dus haalt de verzorger de bezoekers over om het tamme beest toch te aaien. “U hoeft niet bang te wezen, hij is zo mak als een lammetje en is met de fles groot gebracht” zegt de verzorger.
Waarop een oplettende bezoeker zegt: “Ik ben ook grootgebracht met een fles, maar een sappig biefstukje of een lekker koteletje gaat er altijd wel in!”
Waar kom ik vandaan?
Jantje en zijn vader lopen in het park. Vraagt Jantje aan zijn vader “Papa, waar kom ik vandaan?” Waarop de vader van Jantje antwoordt “Van een ooievaar jongen”
Zegt Jantje “Een ooievaar? Miljoenen vrouwen op deze planeet en jij neukt een ooievaar?”
Olifanten
Waarom zien we geen olifanten die zich in bomen verstoppen?