Op de dag van de zilveren bruiloft nodigt de man zijn vrienden uit. Ze kwamen allemaal, maar de bruidegom zelve schitterde door afwezigheid. Men ging hem zoeken en vond hem in de bar op de bovenste verdieping met een lege cognacfles in zijn hand. Hij staarde voor zich uit. "Wat is er met jou aan de hand?", wilden zijn vrienden weten. "Ach", zuchtte de zilveren bruidegom, "toen ik tien jaar getrouwd was, ben ik naar de advocaat gegaan en vertelde hem dat ik mijn vrouw wilde vermoorden. De advocaat praatte dat idee uit mijn hoofd, het zou me vijftien jaar gevangenis kosten. Jongens, vandaag zou ik een vrij man geweest zijn!"
5 willekeurige moppen
De eerste keer
Een Belg gaat voor de eerste keer in zin leven naar de hoeren toe. Hij vind het allemaal heel erg spannend en heeft zich extra goed voorbereid. Het is koud buiten en als hij bij de hoer aanklopt opent ze de deur en zegt: “Schatje, waarom heb jij een korte broek aan, daar is het toch veel te koud voor?” Waarop de Belg antwoordt: “Jazeker, maar ik had gehoord dat het zonder pijpen goedkoper was!”
Een lekkere hotdog
Klant: “Geef mij een hotdog.”
Ober: “Met plezier.”
Klant: “Nee, met ketchup en mayonaise!”
Zonder licht
Een politieagent ziet een jongetje rijden zonder licht op zijn fiets “Zo zo, heb jij die fiets van de sint gekregen?” zegt de agent “Ja” antwoordt het jongetje “Vraag volgende keer aan de sint of hij er ook lichten erop zet!” het jongetje zegt: “Maar heb jij dat paard dan ook van sinterklaas gekregen?” “Ja jongen” zegt de politieagent trost.
Waarop het jongetje zegt: “Kan jij dan de volgende keer aan sinterklaas vragen of hij de lul eronder zet in plaats van erop?”
Belg in het licht
Waarom nemen Belgen een steen en een lucifer mee naar bed?
Met de steen gooien ze het licht uit en met de lucifer kijken ze of het wel echt uit is.
Zintuigen
In de klas vertelt de meester over de vijf zintuigen. Hij zegt: ‘Dirk, vertel me eens welke zintuigen de mens het moeilijkst kan missen?' Dirk weet het antwoord niet, zodat de meester hem een beetje op weg helpt. ‘Kijk eens goed Dirk, wat zit er aan weerskanten van mijn neus?’ Dirk: ‘Pukkels, meester.’